Kunnen door vaccinaties chronische ziekten ontstaana

Nee, dat is wel vaak verondersteld, maar nog nooit wetenschappelijk aangetoond.
 

Van tijd tot tijd wordt in (wetenschappelijke) tijdschriften een verband verondersteld tussen vaccinaties en het optreden van bepaalde (chronische) ziekten. Maar tot nu toe is zo’n verband niet aangetoond.
Van een aantal ziekten is juist aangetoond dat er zeker géén verband bestaat. Bijvoorbeeld voor autisme, chronische darmontstekingen (in het bijzonder de ziekte van Crohn) en diabetes mellitus (suikerziekte). Ook is aangetoond dat vaccinatie tegen rodehond geen verband houdt met het ontstaan van chronische gewrichtsklachten.

Opmerkelijk is dat er de afgelopen decennia nieuwe ziekten zijn ontstaan zoals het chronische vermoeidheidsyndroom en AIDS. Er wordt onderzoek gedaan naar de relatie tussen het geven van een vaccinatie en veranderingen in het voorkomen van ziekten. Uitkomsten worden echter door de gevestigde orde niet serieus genomen, aangezien deze enorme gevolgen zouden hebben voor het vaccinatieprogramma. Het is aangetoond dat het doormaken van bepaalde kinderziekten juist de kans op sommige chronische aandoeningen vermindert. Het doormaken van bof, mazelen of rodehond verkleint bijvoorbeeld de kans op verschillende soorten kanker, autisme, suikerziekte, allergie en Cara. In een groep mensen die wel antistoffen van mazelen hadden, maar geen uitslag hadden gehad (zoals ook de situatie is na vaccinatie) vonden onderzoekers na twintig jaar dat een aantal chronische ziekten duidelijk vaker optraden dan wanneer de ziekte goed was doorgemaakt. Het betrof huiduitslag, degeneratieve ziekten van botten en kraakbeen en enkele soorten tumoren.
Zie ook elders op onze website.