Ziekten en Vaccins

Rodehond

Inleiding

Rodehond is een zeer milde kinderziekte, waartegen een vaccin sinds 1987 voorkomt in het Rijksvaccinatieprogramma (RVP). Opname in het RVP is voornamelijk om jonge vrouwen te beschermen tegen rodehond tegen de tijd dat ze zwanger raken: een besmetting met rodehond tijdens het eerste trimester van de zwangerschap kan gevaarlijk zijn voor de foetus. Omdat uitroeiing van de ziekte onhaalbaar lijkt, is het de vraag of vaccinatie wel zo zinvol is.

Na jaren lang vaccineren lijkt het doel, namelijk uitroeiing van de ziekte, weinig realistisch. Kinderen hoeven niet beschermd te worden tegen deze onschuldige ziekte. De vraag rijst dan ook of standaardvaccinatie voor zuigelingen en schoolkinderen nog te rechtvaardigen is om zwangere vrouwen te beschermen. Meer onafhankelijk onderzoek, zeker naar de veiligheid op de lange termijn, zou in ieder geval wenselijk zijn.

Quotes:

  • Rodehond is een zeer milde kinderziekte. Complicaties bij rodehond op kinderleeftijd zijn uiterst zeldzaam.
  • Vaccinatie is voornamelijk bedoeld om de ziekte uit te roeien en zo te voorkomen dat zwangeren besmet kunnen raken: een besmetting met rodehond tijdens het eerste trimester van de zwangerschap kan gevaarlijk zijn voor de foetus.
  • Aangezien de werkzaamheid van vaccinatie beperkt is, kan het gevolg van vaccineren zijn dat in de toekomst meer vrouwen vatbaar worden. Het gevaar bestaat dat juist door het massaal inenten vrouwen de mogelijkheid ontnomen wordt om zich op natuurlijke wijze levenslang tegen de ziekte te beschermen.
  • In gebieden met een hoge vaccinatiegraad blijft 15 à 30% gevoelig voor rodehond.
  • Vóór het vaccinatietijdperk had al 85 à 95% van de mensen een natuurlijke bescherming opgebouwd. Een andere bron vermeldt 90 à 96% van de 20-jarige vrouwen. De geschatte bescherming van het vaccin ligt rond de 77%.
  • Een alternatief voor vaccineren is om in de pubertijd of later bloed te laten prikken op antistoffen. Bij afwezigheid kan vaccinatie alsnog worden overwogen. Sommigen zullen ook dan geen antistoffen aanmaken, oplopend tot 25% van de gevaccineerden. Wellicht is deze groep ook niet gevoelig voor de ziekte.
  • Het congenitaal rubella syndroom komt ook voor bij vrouwen die genoeg antistoffen tegen rodehond hadden.

Lees hier het hele dossier.